Reisverslagen

Pierre en Rietje, 2011

Wij zijn naar Medan voor de zomervakantie 2011 afgereisd. Niet alleen op vakantie, maar ook met een cadeautje van onze school een bezoek brengen aan Abdi Kasih. Met € 500,- van school hebben wij boodschappen gedaan, DUPLO kopen! In Medan kent men DUPLO nauwelijks en weken voordat we vertrokken, heb ik dat aan de kinderen in mijn klas duidelijk gemaakt: “Wie er wat oud Duplo heeft en het missen kan, mag het bij mij afleveren.” De reacties in de klas waren overweldigend en misschien had ik het wel zg ‘schoolbreed’ moeten melden. Maar je beseft dat, wat je mag meenemen, beperkt is. En ook de eigen sokken en broeken moesten mee, toch?

De Aankomst

Met een officiële brief op zak van de stichting Abdi Kasih, waarin de samenwerking met de OBS Bijvanck was aangegeven,  kwamen wij in Medan aan. Onze koffer met kleding was geen probleem maar die grote oversized suitcase met veel geruis, geratel en gerommel als je ‘m draaide, wekte de nodige achterdocht bij de douane. De koffer, inmiddels voorzien van zes grote krijtkruisen en de vermelding ‘CONTROL’, zei mij genoeg. Vol verbazing keken de douane-beambten naar de inhoud met de vraag: ‘Wat is dat en wat moet je ermee?’ Ik heb dit uitgelegd,voorgedaan en de begeleidende brief uit Medan deed de rest. De controleur vond het geweldig en hij vroeg ook ‘waarom?! Ik zei dat ik als leerkracht dit had meegenomen en dat ik daar verschillende redenen voor had. Een van de redenen staat vermeld in mijn paspoort bij ‘geboorteplaats: Medan -Indonesia’. Er werd gesalueerd en wij mochten in een keer de stad Medan in! Met de becak(bromfietstaxi) zijn wij naar ons Guesthouse, luisterend naar de naam ‘Jansen’ gegaan, Nederlandser kan het niet.

De Ontvangst bij Abdi Kasih

….deze was zonder meer indrukwekkend. Ik kreeg alle complimenten voor wat zoveel kinderen van de Bijvanckschool, zoveel betrokkenen, ouders en leerkrachten hadden gedaan. Weet dat ik aan jullie dacht! Op lokale muziek, weliswaar op CD, werd ik door een dansgroep binnengehaald en werd ik onderscheiden met een ULOS, bewijs van acceptatie en als dank voor wat ik allemaal wel gedaan had. Een ULOS is een handgeweven kleed van de regionale Batak-bevolking. Na de ceremonie is het ook de bedoeling dat ik dit kleed mee naar huis neem, ons eerste vakantie-souvenir. De CD-speler? Jawel, lang geleden een cadeau van de Bijvanckschool.

Een paar dagen van tevoren hadden wij € 500,– uitgegeven. Bovenop de reguliere korting kregen we nog wat extra procentjes die er afmochten. Op die ochtend stond de DUPLO bij Abdi Kasih uitgestald. In Indonesië is men gek op plechtigheden maar toen die waren afgelopen begonnen wij de dozen uit te pakken. We deden het even voor. Heel langzaam kwamen de anderen naar voor en toen zij eenmaal doorhadden dat iedereen mee mocht doen was gingen zij los en bouwen maar! In een mum van tijd waren de andere dozen geopend en was het, zittend op de vloer, bouwen en puzzelen. Sommigen gingen lukraak aan het werk en waren onder de indruk van de kleuren. Anderen kregen een voorbeeld voorgeschoteld en gingen kopiërend aan de slag.

Tijdens het uitpakken kwam er bij de begeleiding de grote vraag ‘hoe moest je alles weer netjes in de bakken krijgen?’ Ook daar een hele ontdekking dat de nieuwe plastic bakken alles kunnen bergen en de verpakking niet meer nodig is!

Of ik een leuke vakantie heb gehad? Deze dag was een topmoment in de vier weken dat wij er zijn geweest. In het vervolgverslag zal ik uitleggen wat onze school in de afgelopen tien à elf jaren van de grond heeft weten te krijgen en hoe de situatie nu is.

Abdi Kasih, de OBS Bijvanck…het vervolg.

Allereerst vroeg ik naar ons eerste project: “ Hoe is het met de medische zorg en aandacht?” De behandelkamer is opgedoekt en de materialen staan in Abdi Kasih opgesteld zodat het personeel erbij kan.

Ik heb het over de weegschaal, de bedjes en de medicijnenkast. De kinderen hebben allemaal een eigen bed en wanneer zij ziek zijn liggen zij in hun eigen kamer, in hun eigen bedjes.

De snoozleroom, dankzij Cordaid een van onze grootste bijdragen, doet het nog steeds goed al vind ik dat er wat aandacht aan de ver versleten vloerbedekking gedaan mag worden. Een tegelvloer willen zij niet omdat dat toch te kil en koel is. In de snoozleroom is het gezellig en sfeervol, het ballenbad is er nog steeds en het materiaal ziet er goed uit.

Overal in het gebouw zijn er tegels gelegd waar tien jaar geleden nog een kale betonnen vloer lag. Voor elk lokaal zijn fris geschilderde bankjes geplaatst zodat de kinderen op de veranda uit de zon toch buiten kan zitten.

Abdi Kasih fabriceert kaarsen om te verkopen maar ook om de kinderen iets te leren maken. Het lokaal waar dit gebeurt ziet er goed uit en de smeltmachines doen het nog allemaal.

Dan naar de keuken!

Dit heeft Abdi Kasih gekregen door de inspanningen van de leerlingen van de OSG Huizermaat in Huizen. Ik had het nog nooit gezien. Wat ik mij van de oude keuken herinner was een vieze lap aan een oude kraan en een aanrecht waar je nog geen zak aardappelen op legt omdat je dan denkt dat het te vies is.

De hygiëne was ver te zoeken toen en nu….De vloer is nog steeds hetzelfde maar als zij mij nu hadden uitgenodigd om te blijven eten dan had ik het zeker gedaan. Alles zag er als gebruikt uit maar met zorg. De pannen en al het materiaal stonden netjes in de rekken en overzichtelijk uitgestald. In de keuken werd de bumbu gemaakt want de kinderen kregen vis en rijst.  Ik heb nog even geprobeerd om de bumbu helemaal klaar te maken maar dat is niet gelukt. Waarschijnlijk toch te veel de aardappelen gewend.

In de visvijver drijven de mooiste plantjes en de vissen doen het nu even niet omdat we last van slangen in de vijver hebben. De ganzen en kippen leggen lekkere eieren en af en toe, ja af en toe wordt er eentje geslacht. Langs de paadjes naar de dagverblijven voor de kinderen worden mango’s gekweekt, goed voor eigen consumptie en verkoop. Jammer dat zij nog niet rijp waren. Langs de paadjes wordt ook citroengras (sereh) gekweekt en restaurants en eethuisjes in de buurt en in Medan maakt gebruik van deze heerlijke grassoort. En op deze manier wordt de kinderen tuinieren geleerd en komt er ook wat geld binnen. Zoals ik al zei, overal in de school zijn de tegels gelegd en het oogt fris en schoon.

Het hekwerk doet goed dienst en ‘s nachts is alles veilig afgesloten en kan iedereen met een rustig gevoel van de nachtrust genieten. Dit is wel eens anders geweest maar dankzij donaties via onze school kon er een prachtig toegangshek gemaakt worden. De watervoorziening in het hoofdgebouw is zeer goed georganiseerd en de opslagtanks zien er als een zonnetje uit! Kortom, nu aan drinkwater geen gebrek meer! En het is dusdanig georganiseerd dat er geen waterleidingbedrijf aan te pas komt!

Met een dergelijke organisatie is er altijd wat te wensen en het opvangcentrum heeft een probleem: het dak verkeert in zeer slechte staat. Het is zo slecht dat er op sommige plaatsen geen verschil is of je er tijdens een regenbui onder staat of niet. Gelukkig kan er makkelijk gedweild worden maar het is zeer ongemakkelijk. Nog vervelender wordt het als er dan ook nog stukken van het dak loslaten en vallen.

Kortom: dit gebouw heeft een nieuw dak nodig en ik weet inmiddels wat dit gaat kosten. Het kost heel veel geld, laat ik u niet met dit bedrag lastigvallen.

Een fikse bijdrage leveren is het minste dat wij kunnen doen en daar gaan wij de komende jaren ook voor.

 09 kleur adjusted achtergrond                                         02 kleur adjusted achtergrond 04 kleur adjusted achtergrond

Anniek en Sophie, 2012

Wij zijn twee zussen, Anniek en Sophie, en begin dit jaar zijn we samen op wereldreis gegaan naar Australië, Nieuw-Zeeland en Indonesië. In Australië woont een deel van onze familie en in Indonesië is een aantal familieleden geboren en getogen. Vandaar dat deze reis altijd al een grote droom van ons was!

We wilden niet alleen het prachtige land bekijken, maar ook wat terug doen voor de samenleving in dit ontwikkelingsland. Via onze oude schoolmeester Pierre Pourchez zijn we bij Abdi Kasih terecht gekomen: een weeshuis voor verstandelijk gehandicapte kinderen. Het leek ons geweldig om daar een week ons steentje bij te dragen. Na wat e-mailcontact met ibu Yen, een geweldige, Indonesische vrouw die al jaren voor het weeshuis werkt, hadden we een afspraak gemaakt. Na een paar weken door het land te hebben gereisd en twee Engelse vrienden gemaakt te hebben, kwamen we met zijn vieren aan in Medan. De secretaresse heeft ons heel lief ontvangen in haar kantoor en verteld wat ze ongeveer van ons verwachtten. De volgende dag konden we beginnen!

Na een lange busreis naar Medan, zijn we door een busje van Abdi Kasih opgehaald en naar een buitenwijk van de stad gebracht. We kwamen letterlijk steeds meer in de middle of nowhere! Uiteindelijk kwamen we aan bij het weeshuis. Het was prachtig en zo veel groter dan we verwachtten. We kregen een heel warm welkom van de leerkrachten, ze hadden net een vergadering gehad dus we mochten er even bij komen zitten. De vriendelijke schooldirecteur, pas Yus, kon verrassend goed Nederlands met ons spreken, de rest kon wat gebrekkig Engels. Na een korte introductie liepen we de vergaderruimte uit, en hadden de kinderen net pauze. Een stuk of 20 enthousiastelingen kwamen op ons af gerend en sprongen ons gelijk om de nek.

Er wonen ongeveer 80 (wees)kinderen met allerlei verschillende verstandelijke beperkingen, zoals het syndroom van Down en autisme. Ze zijn allemaal ongelofelijk lief en vrolijk, en bij de meesten konden we door middel van non-verbale communicatie al heel ver komen en met sommige hebben we in die korte tijd echt een beetje een band opgebouwd. Er woont ook een groot aantal leerkrachten op de school, wat natuurlijk een enorme opoffering van ze is. Ze wijden hun leven aan het verzorgen van deze kinderen die zijn verlaten door hun ouders, omdat ze niet voor ze konden of wilden zorgen door hun handicap.

Het hele terrein is behoorlijk groot, en er staan verschillende gebouwen. Ten eerste een aantal met slaap-, bad- en woonkamers voor de kinderen en leerkrachten. Ook de directeur woont, samen met zijn vrouw, kinderen en honden in een eigen woning op het terrein. Wij kregen met zijn vieren ook een eigen huisje om de week in door te brengen. Tussen alle gebouwen en huisjes door zijn er mooie moestuinen aangelegd, waar een stel boeren gewassen op verbouwen waar de kinderen dan weer lekker en gezond van kunnen eten. Verder waren er een sportzaal, een aantal klaslokalen, kantoren, een uitgebreide bibliotheek met een groot aantal nieuwe boeken, een kaarsenkamer (waar ze kaarsen maken om te verkopen) en een grote eetruimte met keuken, waar iedereen 3 keer per dag gezamenlijk eet. Ook staat er een mooie, grote gymzaal, waar ontzettend veel gebruik van wordt gemaakt door zowel de leerlingen als de leerkrachten om te sporten.

Dit was voor ons dan ook het thema van de week; we hebben het grootste deel van de tijd lekker met de kids en elkaar badminton gespeeld! Op de eerste dag hebben we tevens een aantal voetballen gekocht, waarmee we de rest van de dag met ze mee hebben gespeeld. We maakten een goal van 2 pionnen bij een muur in de gymzaal en om de beurt mochten ze proberen de bal langs de keeper (één van de leerkrachten) te krijgen. Ze vonden het ontzettend leuk en luisterden verbazingwekkend goed naar onze instructies. Ook hebben we in de brandende zon een potje met ze gevoetbald. Het is zo goed voor de kinderen om veel te bewegen en op die manier samen te leren werken en te spelen.

Naast de hoge temperatuur, hangt er ook echt een hele warme sfeer in het weeshuis. Er wordt goed en op een professionele manier met de kinderen omgegaan en er zijn verschillende leerkrachten, elk gespecialiseerd in één van de verschillende stoornissen. Je kan zien dat de kinderen het er naar hun zin hebben, en de mensen daar als hun familie zien. De kinderen leren er spreken, rekenen en lezen, ze doen educatieve spelletjes en heel veel aan sport en dans. Elke ochtend, middag en avond wordt er voor iedereen een lekkere rijstmaaltijd gekookt,  samen gegeten, en daarna hielpen we de kinderen daarna met afwassen en -drogen. We werden enorm door iedereen in de watten gelegd, terwijl ze het al zo druk hadden met al die kinderen. We voelden ons heel erg welkom en we probeerden dan ook zoveel mogelijk te helpen waar we konden.

Aangezien de meeste kinderen en leerkrachten christen zijn, zijn we op zondag met ze mee naar de kerk gegaan. Het was heel bijzonder om eens een dienst mee te maken in een arme buitenwijk van een stad in Indonesië, en we merkten dat het eigenlijk precies zo gaat als we hier in Nederland wel eens hebben gezien (ook al verstonden we er natuurlijk niets van; alles was in het Bahasa Indonesisch). Dan zie je pas echt dat het geloof toch iets heel universeels is.

De leerkrachten hebben ons ook een middag meegenomen naar de verjaardag en besnijdenisfeest van een 10-jarige jongen in het ‘dorp’. We liepen met z’n allen naar het feest toe, langs allemaal hutjes met mensen die vol verbazing naar ons als blanke toeristen keken.  Het was ontzettend gaaf voor ons om ergens te komen waar waarschijnlijk nooit toeristen komen; het ‘echte’ Indonesië. Bij het feest wilde iedereen met ons op de foto. De jarige jop was heel mooi aangekleed en zijn naaste familie had ook prachtige jurken aan. We hebben hier de lekkerste Rendang ooit gegeten, en tot grote blijdschap van de vrolijke kokkinnen bleven we maar opscheppen van het geweldige buffet! Op een gegeven moment vond een Indonesische traditie plaats: een toneelstuk en dans waarbij een aantal spelers in een soort trance kwam en een soort offerdans deden. Alle genodigden stonden er omheen en plotseling werden ‘de vier blanken’ naar voren gevraagd! Wij schrokken ons dood, want we vonden het eigenlijk best een bizar gebeuren, dus we wilden absoluut niet meedoen. We vroegen aan Pas Yus, de schooldirecteur, wat we moesten doen en hij zei dat het beter was als we weer terug naar huis gingen. Hij kon ons niet precies uitleggen wat er precies werd uitgebeeld in het toneelstuk. Een enerverende en bijzondere middag was het wel!

Al met al was het een geweldige ervaring om te mogen helpen in Abdi Kasih, en was het super om te zien dat ook in armere landen toch aan dit soort kinderen wordt gedacht. Met de hulp van een heleboel westerse landen en organisaties (waaronder de Bijvanck school en de Huizermaat!) is een kleine school omgebouwd tot een geweldig terrein waar de kinderen en leerkrachten zich thuis voelen. Ze kunnen natuurlijk nog steeds al het geld goed gebruiken, want er zijn nog meer dan genoeg verstandelijk beperkte (wees)kinderen in Indonesië die een thuis nodig hebben.

  05 kleur adjusted achtergrond                                         06 kleur adjusted achtergrond 08 kleur adjusted achtergrond

Lisa Crooy, 2013

Veel bleef ongevraagd. Mijn kennis van het Bahasa Indonesia ging bij aankomst van mijn drie maanden verblijf binnen dit archipel niet verder dan al het eten, dat op tafel zou kunnen komen, bij de juiste naam te noemen. Mijn lieve en trouwe vriend, oude groepsleerkracht van groep 7 en 8 en degene die mij in contact bracht met deze organisatie, Pierre Pourchez, beschrijft mij dan ook maar al te graag als een halve aardappel en half van rijst. In Indonesië noemen ze me naast “mister”, “sister”, “nasi putih” of “bule” (ik zal de vrije vertalingen even achterwege laten), graag “Gado Gado”. Niet omdat ik zoveel lijk op één van de groenten die in dit populaire Indonesische gerecht voorkomen, maar omdat ik net zoals het gerecht een mix ben van een Indo-Europese papa en een Nederlandse mama. Ik leerde bij Abdi Kasih op een hele andere wijze te observeren en op een onderzoekende manier antwoorden te vinden op mijn vragen. Gelukkig kwam ik er al snel achter, dat net zoals bij de Indonesische gezinnen thuis, ook binnen Abdi Kasih voor de kinderen eten al dan niet één van de belangrijkste activiteiten van de dag is. Als de Indonesische cultuur ergens om draait, dan is het wel om tafelen. Ik kon dus al snel vrienden maken door alle gerechten en ingrediënten vanuit het Indonesisch voor de kinderen te vertalen in het Nederlands en het Engels. Lachen, gieren en brullen was het gevolg. Je wordt er dan weer even aan herinnerd wat voor een bijzonder onfraaie taal wij dagelijks met elkaar spreken. De kinderen kijken in ieder geval drie keer per dag erg uit naar het moment dat die grote pan met nasi op tafel komt, verzorgers, leerkrachten en kinderen gezellig om de tafels heen komen zitten en er na een gebedje een uitbundige sfeer ontstaat.

Lachen, gieren en brullen, daar ontbrak het geen moment aan. Ik had vele vragen willen stellen over al het reilen en zeilen binnen deze bijzondere organisatie. En dat niet alleen; het was namelijk geen uitzondering dat ik na het middagdutje in het boardhouse, waar ik verbleef met zes kinderen en een verzorger, op het muurtje voor op de veranda in de schaduw zat en Robbie als eerste tegenover me kwam zitten. Allebei met onze rug tegen een pilaar aan. Hij met een grote glimlach en groteske verhalen, dat weet ik zeker! Zijn verhalen kwamen echter uiteindelijk toch weer op eten uit. Onze gesprekken gingen niet veel verder dan dat hij al mijn vertalingen van het eten wat daar groeit en bloeit in de tuinen keurig netjes papegaaide. We hebben ze allemaal gehad; van rijst tot mango’s, van bananen tot kippen en van eieren tot lychees. Uiteraard heeft hij vast ook tien keer om mijn naam gevraagd, gevraagd hoe oud ik ben, waar ik vandaan kom, wat ik kom doen en of ik broers of zussen heb, ook dat weet ik zeker. Ik heb alleen geen idee wanneer hij het mij gevraagd heeft. Zijn ogen straalden één en al nieuwsgierigheid uit en wat dat betreft, is niemand in dit land te verlegen om je al deze vragen binnen vijf minuten te stellen. Daar mijn antwoorden uitbleven, schakelde Robbie met gemak over naar het zingen van liedjes die hij op de televisie hoorde tijdens zijn favoriete soap of danste hij de kamer rond, de brede glimlach verzwakte niet. Zijn huisgenootjes volgden maar al te graag zodra Robbie het signaal gaf om de voetjes van de vloer te halen.

De kennis en ervaringen die ik heb opgedaan over Abdi Kasih is een verzameling bijzondere observaties die ik met plezier heb vastgelegd in beeld. De kinderen lachen, zingen, dansen, maken muziek, spelen, huilen, maken ruzie, helpen elkaar, leren, geven liefde aan elkaar en bovenal genieten. Ik denk dat dit goed terug te zien is op de foto’s. Wat je er niet vanaf kunt zien, maar waar Abdi Kasih voor 100% van afhankelijk is, zijn de mensen die 24 uur per dag met enorm veel liefde en genegenheid voor de kinderen zorgen. Hun zorg en toewijding kent geen grenzen en is eigenlijk met geen pen te beschrijven. Sommige leerkrachten komen uit de nabij gelegen dorpjes ’s morgens vroeg aan en vertrekken aan het einde van de lesdag weer richting huis. Andere leerkrachten en verzorgers wonen op het terrein van Abdi Kasih in één van de “boardhouses” samen met 38 van de 79 kinderen die in totaal dagelijks in Abdi Kasih les krijgen. Zij staan dag en nacht voor deze schatten klaar en geven ze aandacht, knuffels en de verzorging die ze nodig hebben. ‘s Morgens wassen en aankleden, ontbijten, begeleiding bij schoolse activiteiten, lunch, middagdutje, weer wassen en aankleden, begeleiding bij middagactiviteiten, avondeten, naar bed gaan en alle huishoudelijke activiteiten die daar bij komen kijken, voor de zorg van zes tot acht kinderen. Deze vrouwen (jawel, alleen vrouwen) houden van deze kinderen alsof het hun eigen kinderen zijn. En niets is hun te gek.

De overige 41 kinderen gaan na de lunch weer naar huis met de schoolbus, waar ze meestal bij familie wonen. Sommigen in de dorpjes in de buurt, anderen gaan met de schoolbus helemaal terug naar de grote stad. De kinderen komen in vele vormen en maten. Van heel jong, 3 jaar, tot ongeveer 26 jaar oud. Allen hebben zij een vorm van een handicap, ook zeer uitlopend. Sommige kinderen kletsen de oren van je hoofd, andere kinderen kunnen door hun handicap niet praten. Er zijn ook kinderen met autisme, epilepsie of het syndroom van Down.

Mooi om te zien, was dat welke leeftijd een kind ook had, welke handicap, of het voor hem of haar wel of niet mogelijk was om te praten, iedereen kende de routine van de dag en droeg zijn steentje bij, iedereen hielp en ieder kind wist wat er van hem of haar verwacht werd. Dat kwam het mooiste tot zijn recht, ja en wéér tijdens het eten. Van tevoren met het gereed maken van de tafels en om het eten op tafel te toveren, de afspraken waar iedereen zich aan hield tijdens het eten en na het eten met het afruimen van de tafels, afwassen, afdrogen, opruimen en de zaal schoon maken. Zo goed als ze zich overigens aan de afspraken hielden tijdens het eten en op hun plek bleven zitten, zulke boefjes werden het zodra er geluisterd moest worden tijdens de les. Universele kenmerken voor kinderen overal ter wereld. Naar de leerkracht luisteren is nooit het sterkste punt geweest van een kind.

Aangezien ik inmiddels wel weer genoeg over eten heb verteld, laat ik voor de rest de beelden spreken.